Lamme Urgh

Boek van Urgh 122: De waarschuwing

Het gebrul van de holenleeuwin boven aan de kloofrand is op de weide bij de geul niet onopgemerkt gebleven. Net zo min als de afwezigheid van Zen. Ani, zijn moeder is in alle staten en kan haar geluk dan ook niet op wanneer haar zoon, samen met Elm, K’wan en de kinderen boven op de heuvel verschijnt. Zodra hij zijn moeder ziet rent Zen op haar af. Pal voor haar komt hij tot stilstand, trekt het bebloedde mes uit zijn riem, houdt het in de lucht en roept, met een lach van oor tot oor: ‘Zen gjoot jajer. Zen Jurg gejed’. Ani wil wat vragen maar Gaya is haar voor. ‘Urgh gered? Wat is er met Urgh?’. Zen geeft geen antwoord. Hij hoort de vraag niet eens, zo vervuld is hij nog van zijn daad. Met het mes in zijn handen danst hij om zijn moeder en de medicijnvrouw heen. ‘Zen, geef antwoord’, snauwt Gaya en grijpt de jongen bij zijn pols. Zonder moeite rukt de jongen zich los.

Dan zijn ook de anderen binnen gehoorafstand. ‘Elm’, vraagt Gaya scherp. ‘Wat is er met Urgh?’. ‘Onder de voet gelopen door een holenleeuwin maar gered door Zen, K’wan, Kleintje en de welpjes’, antwoord Elm laconiek. Gaya trekt wit weg. ‘Is hij…?, vraagt zij zachtjes. ‘Denk jij dat Zen zo blij zou zijn, dat wij zo vrolijk zouden zijn, wanneer Urgh dood is?’, is de wedervraag van Elm. ‘Hij is wel gewond. Zijn armen doen pijn van de klap die zijn krukken heeft gebroken en ik denk dat er een paar ribben gekneusd of misschien wel gebroken zijn. Maar hij leeft en zo ver ik het kan beoordelen is er geen reden om te denken dat hij naar de voorouders gaat. Zan en Tork zullen zo wel hier zijn met Urgh’.  Hij heeft het nog niet gezegd of Zan, Tork en Urgh verschijnen boven op de heuvel. ‘Ik ga Pew en M’na waarschuwen’, mompelt Gaya en rent weg, Elm en de andere verbaasd achter latend.

Die avond lijkt het of het feest van de herfstwende al is begonnen, zo overvloedig is het eten wat Ani voor deze avond bereid heeft. Hoewel alle dorpelingen ondertussen weten dat Zen het leven van Urgh gered heeft en een holenleeuwin gedood heeft gaat iedereen er goed voor zitten wanneer Elm aan het einde van het feestmaal het woord neemt.

Gezeten op zijn slee leunt Urgh met een pijnstillende kruidenthee achterover om naar het verhaal te luisteren. Wanneer Elm beschrijft hoe Urgh met zijn krukken de aanval van de holenleeuwin heeft afgeweerd kreunt de lange man om het verhaal kracht bij te zetten. Daarna luistert hij weer net zo ademloos als de rest van de dorpelingen naar het verslag van Elm. Aan het eind van het verhaal wordt de kleine Zen door alle dorpelingen toegejuicht en de ene na de andere jager geeft hem de jagersgroet. Urgh staart in het vuur en realiseert zich voor het eerst die dag dat hij nog leeft vanwegen zijn impulsieve beslissing om het eeuwig kind van zijn vriend Zan te laten leven, ondanks dat het tegen de gebruiken van hun stam in ging. In gedachten hoort hij hij weer de boze stem van zijn voorouder over de beslissing om Zen te laten leven. In gedachten?

Urgh knippert met zijn ogen. In het vuur voor hem is de gestalte van de lange blonde man, zijn vroege voorvader, verschenen. ‘Ik kom je waarschuwen Urgh!’, zegt de lange man met boze stem. ‘Urgh, hoe vaak denk jij nog op wonderbaarlijke wijze aan de dood te kunenn ontsnappen? Stop met het tarten van het noodlot. Accepteer dat jij geen jager meer bent. Dat jij geen gevaarlijke situaties meer op moet zoeken’.  Urgh wil wat zeggen maar de lange man legt hem met een handgebaar het zwijgen op.

‘Vandaag ben jij blijven leven dankzij het feit dat jij Kleintje niet aan zijn lot over hebt gelaten, Elm een tweede kans hebt gegund, Zen tegen de gebruiken in hebt laten leven en K’wan en de andere leden van de Vroegere Stam een plek in dit dorp hebt gegeven. Leer van Elm en K’wan wat een dorpswijze wel en niet doet zonder je eigen manier van denken te verliezen. Zorg dat je lang genoeg blijft leven om Teem, zoon van Azel en Yali, op te leiden tot dorpswijze zodat hij jouw werk voort kan zetten. Leer hem kijken zoals jij kijkt, denken zoals jij denkt. Doe je dat niet… Doe je dat niet zal de toekomst van de mensheid er heel anders uit gaan zien… Dan zal jouw voorouderschap niet lang duren omdat er geen nazaten meer zijn’.  Na dit gezegd te hebben verdwijnt de blonde man in het vuur, Urgh in verwarring achterlatend.

Dan staat Zen met zijn hand omhoog gestoken voor hem en kan Urgh niet anders dan de kleine jongen de jagersgroet te geven. Voor de allerlaatste keer in zijn leven. Vanaf nu is hij geen jager meer. De voorouders hebben gesproken.

© Rianne

Wil je weten wat hier aan voor is gegaan? Klik dan hier voor het complete overzicht van het Boek van Urgh.

Advertenties

2 thoughts on “Boek van Urgh 122: De waarschuwing”

Reacties zijn gesloten.